Ik heb niet het idee dat er tegenwoordig nog erg veel waarde aan de Nobelprijs voor Literatuur wordt gehecht. Anders dan de geldelijke, uiteraard. Zelfs geen storm in een glas water, naar aanleiding van de uitspraak van Horace Engdahl van het comité over de Amerikaanse literatuur en de Europese. Zelfs geen much ado about nothing, bij het publiceren van de lijstjes der bookmakers. Een berichtje in de krant, een schouderophalen, een naar beneden trekken van de mondhoek – en alles bleef zoals het was.
Le Clézio, dus. Niet dat ik het hem niet gun – alsof dat er ook maar iets toe zou doen. Heb zijn Révolutions, Omwentelingen in de Nederlandse vertaling, met plezier gelezen. Maar eerlijk gezegd ook niet meer dan dat.
Nee, toch een gevoel van spijt, van een gemiste kans. Had even gehoopt dat zij misschien Antonio Lobo Antunes zouden kiezen. Weet zeker dat zelfs de Kredietcrisis dan even had gezwegen.
Tagarchief: lezen
Troostlezen (6): In which Eeyore has a birthday and gets two presents
‘And how are you?’ said Winnie the Pooh.
‘Not very how,’ he said, ‘I don’t seem to have felt at all how for a long time.’
Soms, als ik als Troostlezer weer naar de boeken van A.A. Milne grijp, slaag ik erin om het gevoel op te roepen dat mij in mijn kinderjaren overviel als ik regels als de bovenstaande las.
Als kind kon ik niet tegen de zwartgalligheid van Iejoor. Zijn donkere wereldbeeld beklemde me, zijn cynisme voelde ik als een bedreiging. Ik huiverde als het verhaal zich verplaatste naar dat sombere plekje van het bos, ‘a Gloomy Place’, ‘a thistly corner of the forest’, waar de oude, grijze ezel zijn distels eet en de condition humaine overdenkt.
>lees verder
Troostlezen (5): ‘Nou moe?’ – de verbazing van Guust Flater en Marcovaldo
Ziek. De koelte van de slaapkamer. Kussens in de rug. De steeds weer herhaalde nieuwsberichten van dalende beurskoersen als een verre, verre mantra op de radio. De werkelijkheid, maar niet hier. Een glas limonade, een pakje zakdoekjes en een stapel stripboeken: dat is mijn, koortsige, werkelijkheid.
De stapels stripboeken die ik bij gelegenheden als deze tevoorschijn haal, stammen uit wat ik de Gouden Eeuw van het stripverhaal noem. De periode tussen ruwweg 1950 en 1970. De tijd waarin van de hand van Belgische en Franse scenaristen en illustratoren het ene na het andere meesterwerk verscheen. Kuifje, Blake & Mortimer, Michel Vaillant, Asterix, Buck Danny, Lucky Luke, Robbedoes, Rik Ringers. Helden wier avonturen mij, als een madeleine met lindebloesemthee, nog steeds zonder omwegen terugbrengen naar mijn kindertijd, een periode die, hoe vreemd dat ook mag klinken voor iemand die in 1961 is geboren, eveneens van 1950 tot 1970 loopt.
Magda Szabó
Ik wist niet dat ze al negentig was, al had ik dat natuurlijk wel kunnen weten. Mede daardoor kwam het bericht van haar dood zo onverwacht, misschien.
Ik maakte kennis met haar door De Katalinstraat – en ik was meteen verkocht. Later volgden De deur en, begin dit jaar, Het ogenblik. Drie boeken. Ik kan alleen maar hopen dat er nog meer werk van haar wordt vertaald.
Het is een vreemd gevoel om een dierbare schrijver te verliezen. Men zegt dat ze stierf terwijl ze zat te lezen. Dat is mooi. Het maakt me alleen zo nieuwsgierig naar het boek dat ze in haar handen had.

Ogentroost
Kon vandaag niet lezen. Steeds als ik het probeerde begonnen mijn ogen te tranen. Merk de laatste tijd wel vaker dat lezen niet meer zo makkelijk gaat als voorheen. De eerste signalen van de noodzaak van een bril? Altijd als ik aan een bril denk, schiet me een passage te binnen uit Meir Shalevs De kus van Esau. Over die twee broers die met één bril moesten doen. Hoe ging die ook al weer? Kon het niet nazoeken vandaag. Toen ik het boek pakte begonnen mijn ogen al te tranen.
Ben het met Alberto Manguel eens: ‘Ik zou misschien kunnen leven zonder te schrijven, maar ik denk niet dat ik zou kunnen leven zonder te lezen.’ (Een geschiedenis van het lezen)
Vandaag geen lezen dus. Foto’s op de PC geordend. Nu pas gezien hoe mooi de tuin er deze zomer bij stond. Daarna mijn troost in de keuken gezocht. Had een paar sappige peren. Van één een clafoutis gemaakt. Een ander in de sla gedaan. Met ruccola, manchego en walnoten. Verder een pita met gyros. Yoghurt met knoflook, handvol munt, honing, beetje komijn.
Eén dagje zonder lezen gaat nog wel. Troostkoken. Of ogentroost. Of zoiets.
Troostlezen (4)
Le voci della sera
‘Dromen komen nooit uit, en zodra we zien dat ze verbrijzeld zijn, begrijpen we opeens dat de grootste vreugden van ons leven buiten de werkelijkheid liggen. Zodra we zien dat onze dromen verbrijzeld zijn, worden we verscheurd door heimwee naar de tijd dat ze nog in ons gloeiden. Ons levenslot bestaat uit deze wisselwerking tussen hoop en heimwee.’
Aan het woord is hier Natalia Ginzburg, de grote kleine schrijfster uit Italië.
Hoop en heimwee. Zijn dat misschien de twee polen waardoor de Troostlezer beurtelings aangetrokken wordt? En maken die dat wij de ene keer vluchten naar vertroosting biedende avonturen, de ‘vreugden die buiten de werkelijkheid liggen’, en de andere keer leniging zoeken in gedeelde weemoed?
> lees verder
Troostlezen (3)
Aardige jongens
De Troostlezer verwelkomt een mooie verkoudheid als een goede vriend. Niet gedoucht, slobbertrui, hoekje van de bank, zakdoeken, thee met koekjes, en Patrick Modiano, de perfecte schrijver voor een lichte verhoging.
Waarom? Laten we om te beginnen vaststellen dat voor de Troostlezer kenmerken als stijl, schoonheid, montage of regie geen rol spelen. Althans, voor eventjes niet. Moeiteloos schakelt hij over van pulp naar literatuur en vice versa, en van het ene register naar het andere.
> lees verder
Troostlezen (2)
Avonturen in de Stille Zuidzee
Het heeft iets aandoenlijks, al die resultaten die de zoekopdracht ‘Bob Evers’ heden ten dage nog steeds op het internet oplevert. Al die sites van volwassen mannen die de boeken van Willy van der Heide als onderwerp hebben. Iets aandoenlijks – en iets treurigs tegelijk. Het geeft maar weer eens aan hoe populair de avonturen van Jan Prins, Arie Roos en Bob Evers waren en zijn, bij jongens van boven de veertig.
> lees verder

Quote
Van alle naar mijn eigen mening toch wel aardige regels die ik heb geschreven, is er een die op het internet een tweede leven is begonnen. Of eigenlijk zijn het er drie, drie regels die tezamen nogal in de smaak lijken te vallen. Het is een citaat dat ik de eerste keer, keurig met bronvermelding, tegenkwam op de Tweevoeter-site en dat daarna aan een merkwaardige reis over het wereldomvattende web is begonnen. Soms krijg ik een berichtje van ‘m, een kaartje, een groet. Of ik kom hem tegen. Niet altijd in de oorspronkelijke vorm. Maakt heel wat mee, dat citaat. Meer dan ik.
‘Wandelen is een voorschot nemen op terugverlangen. Uitgestelde weemoed. We kijken niet uit naar het moment waarop we ergens aankomen, maar naar het moment dat we er weer vertrekken.’
Vind hem zelf ook wel aardig.
Fado Alexandrino
Paar dagen geleden 65 geworden: António Lobo Antunes. Las deze zomer zijn Fado Alexandrino. Lang geleden dat ik zo onder de indruk van een boek was.
