Elk jaar rond deze tijd zijn er tientallen werklieden in mijn tuin actief. Niets trekken zij zich aan van ons, de bewoners van het huis, het weer, of wat er om hen heen gebeurt. Met z’n allen zijn zij maar met één ding bezig: mijn bescheiden tuintje om te toveren in een heuse kathedraal.
   Gefascineerd aanschouw ik het werk van die tientallen spinnetjes, want over die nijvere tuinbewoners heb ik het natuurlijk. Ik bewonder hun kristallijnen constructies die glimmen in het zonlicht en glinsteren van de dauw. Ademloos volg ik hun bewegingen door de sluiers van ragfijn kant die zij over mijn borders draperen. Met verbazing aanschouw ik de afstanden die zij weten te overbruggen, van tak naar tak, van boom naar struik, paden en terrassen overspannend, terwijl ze zich laten meevoeren op de wind, als trapezewerkers hangend aan hun draad.
   En elke ochtend weer, als ik de voordeur uitstap of door de achtertuin naar de schuur loop, scheur ik onbedoeld hun vederlichte kunstwerkjes in stukken. Terwijl ik mijn hoofd uit hun web bevrijd en de kleverige draden uit mijn haar of achter mijn oren vandaan pluk, zie ik in mijn ooghoeken de arbeiders en architecten wegvluchten: weer een hele dag werk verwoest.
   Hun werk, dat mede door mijn toedoen nooit eindigt, doet mij denken aan de Sagrada Familia, Gaudí’s beroemde kerk in Barcelona, waarvan de bouw nu al meer dan een eeuw duurt en nog steeds niet is afgerond. Ook de stijl van de spinnen roept herinneringen op aan Gaudí’s meesterwerk, met zijn opengewerkte constructie vol grillig gevormde torentjes en natuurlijke motieven.
   Daarnaast is er nog een beeld dat elke dag weer bij mij opkomt: dat van de bouwvakkers die bij de bouw van een wolkenkrabber als ware evenwichtkunstenaars over de staalconstructies lopen. Of op tweehonderd meter hoogte doodgemoedereerd de boterhammen uit hun lunchtrommeltje halen. Misschien komt het daardoor wel, ja. Doordat de spinnen hun twaalfuurtje, vliegjes die zich net als ik hebben laten vangen, ook zo achteloos laten bungelen in hun web.
   Seizoenswerkers zijn  het, die spinnetjes. Op een dag merk ik op wat al een paar dagen eerder heeft plaatsgevonden: ze zijn weg. Hun spullen bij elkaar gepakt en als in een karavaan verder getrokken, zo denk ik graag. Naar het zuiden. Om in een andere tuin hun kampement weer op te slaan en door te gaan met het bouwen aan hun nooit voltooide kathedraal.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s